Verslag raadsvergadering d.d. 12 december 2016

door: Henk van der Wal

Ik ben weer aan de beurt om een verslag te maken van een raadsvergadering. Alweer de laatste van het bijna vervlogen jaar. De tijd vliegt en wij vliegen daar heen. Waar zal het einde van de reis ons brengen? Dat wij hier geen blijvende plaats hebben was ook duidelijk te merken aan de agenda van de raadsvergadering .
"Er is zelden een onderwerp geweest waar wij als fractie vooraf gaande aan de raadsvergadering zo indringend over gesproken hebben dan over dit onderwerp. "

Zo, 

Ik ben weer aan de beurt om een verslag te maken van een raadsvergadering. Alweer de laatste van het bijna vervlogen jaar. De tijd vliegt en wij vliegen daar heen. Waar zal het einde van de reis ons brengen? Dat wij hier geen blijvende plaats hebben was ook duidelijk te merken aan de agenda van de raadsvergadering .

 

Naast de gebruikelijke onderwerpen die min of meer regelmatig terugkomen was er één agendapunt waar wij allen bij  bepaald zullen worden,  namelijk onze dood en het ter aarde bestellen ofwel begraven van ons lichaam.

 

Er is zelden een onderwerp geweest waar wij als fractie vooraf gaande aan de raadsvergadering zo indringend over gesproken hebben dan over dit onderwerp. 

 

De aanleiding tot dit agendapunt is het feit dat een aantal begraafplaatsen binnen onze gemeente nauwelijks ruimte meer hebben. En wat dan? 

Als fractie hebben we er eerder sterk voor gepleit dat het mogelijk moet blijven in elke kern in onze gemeente begraven te worden. In 2015 is ons duidelijk geworden dat uitbreiding van begraafplaatsen niet op te brengen is . Zo veel kernen de begraafplaats uitbreiden is niet te betalen.

 

Wat dan?  Is het ruimen of wel herbegraven op dezelfde begraafplaats geoorloofd in Bijbels licht.

 

Datgenen wat in onze fractie besproken  is en wat door onze fractievoorzitter tijdens de raadsvergadering is gezegd is zeer de moeite waard en laat ik hier onverkort volgen

 

Voorzitter

De maatschappelijke onrust die ontstaan is na de uitvoering van het besluit dat in 2015 in 2015 door de gemeenteraad genomen is, heeft geleid tot een motie die we als fractie voor de zomervakantie hebben ingediend en die door de raad is aangenomen. We hebben het onszelf kwalijk genomen dat we in het traject naar het uiteindelijke besluit, onvoldoende aandacht hebben besteed aan de termijn waarop de gemeente  algemene graven mag gaan ruimen. Er is geen specifiek kader afgesproken en hierdoor  is de wettelijk 10-jaarstermijn  als uitgangspunt genomen voor het beleid.

Doordat we in Molenwaard ruimtegebrek hebben, worden graven na verloop van tijd geruimd. Iemand zou zich kunnen afvragen of daardoor geen afbreuk wordt gedaan aan het getuigenis aangaande de opstanding. 

Dat getuigenis zit niet in het begraven zijn, maar in het begraven worden. Het is de tarwekorrel die in de aarde valt en sterft - een aards lichaam dat gezaaid wordt om als een verheerlijkt lichaam te worden opgewekt. In dat geloof vertrouwen wij het lichaam aan de aarde toe.

Zoals we zojuist hebben gezien, zit het getuigenis niet in het begraven zijn, maar in het begraven worden, in het moment van 'zaaien'. 

Nu lijkt het uit het oogpunt van piëteit wenselijk met het ruimen van graven te wachten tot het lichaam van de overledene geheel tot stof is vergaan. Het zal voor de nabestaanden pijnlijk zijn, als nog tijdens hun leven het graf geruimd wordt en zij geen plek meer hebben om hun geliefde te eren en te gedenken. 

Soms wordt het ruimen van graven aangeduid als het 'verstoren van de grafrust', waarbij men de voorstelling heeft dat de overledene in het graf slaapt tot de dag van de opstanding. Maar we moeten bedenken dat in het graf uitsluitend het lichaam van de ontslapene ligt. Sterven betekent voor de gelovige immers: 'met Christus zijn' (Filippenzen 1:21). De innerlijke mens neemt zijn intrek bij de Heere (2 Korintiërs 5:8), waar de rust nooit meer verstoort wordt. 

Als het lichaam tot stof vergaat en er als zodanig niet meer is, lijkt er misschien wel een emotioneel, maar geen theologisch bezwaar te zijn tegen het ruimen van een graf. Het lichaam is overgegaan tot stof, zoals de God spreekt tot Adam: “ In het zweet uws aanschijns zult gij brood eten, totdat gij tot de aarde wederkeert, dewijl gij daaruit genomen zijt; want gij zijt stof, en gij zult tot stof wederkeren.”

Wanneer een lichaam tot stof is vergaan is niet exact te zeggen. Wel mogen we zeggen dat als het lichaam tot stof is vergaan er geen sprake meer is van een lichaam. Er is dan ook geen sprak van het verstoren van de grafrust, hoewel ook het stof nog met respect moet worden behandeld en wat onze fractie betreft mag worden herbegraven in een verzamelgraf. Nabestaanden kunnen dit graf blijven bezoeken, aangezien we de namen gaan vermelden via een zuil of plaquette.

Kortom, voorzitter, we zijn als fractie zeer dankbaar voor de stappen die u hebt willen ondernemen, geen ruiming van de kindgraven tot en met 18 jaar, geen ruiming waar dat niet nodig is, en de termijn van de algemene graven oprekken naar minimaal 15 jaar.

We willen niet verhelen dat we als fractie het ideaal nastreven van de grafrust voor onbepaalde tijd. We beseffen ook dat dit ideaal op dit moment niet realiseerbaar is en we ons moeten neerleggen bij de feiten. Er is al veel bereikt en daar zijn we dankbaar voor. 

We kunnen ons ook voorstellen dat er mensen zijn, die omwille van de hoge prijs liever kiezen voor een kortere periode van grafrust. Begraven in Molenwaard is al een dure kwestie en door het verhogen van de termijn is dat nog duurder geworden. We vragen bij deze aandacht voor de mensen die dit bedrag niet kunnen en daarom moeten kiezen voor cremeren, terwijl hun voorkeur begraven is. We stellen voor om voor de minima (120% grens) een voorziening te treffen. Heel oneerbieding wel eens een vangnetconstructie genoemd.

Tevens zou het wat ins betreft mogelijk moeten zijn dat mensen voor een algemeen graf kunnen kiezen voor een langere termijn, bijvoorbeeld 20 jaar.

Tot slot voorzitter,

Diverse mensen hebben u en ons benaderd, kerkenraden hebben brieven geschreven en ruim 80 mensen hebben ook de moeite genomen om schriftelijk hun mening te geven. En dat is hun goed recht. De algehele teneur is kort samengevat, alstublieft gemeente, wilt u er voor zorgen dat onze geliefden voor eeuwig mogen rusten in hun graf. We begrijpen die wens, maar we moeten ook eerlijk tegen deze mensen zeggen, wat u wilt kan niet. Er is in Nederland geen gemeente die dit kan garanderen, ook Molenwaard niet. De kosten zullen dan zo hoog worden dat het niet meer betaalbaar is voor de gemiddelde inwoner. Er zijn in Nederland enkele natuurbegraafplaatsen waar dat wel mogelijk is, dit is echter particulier eigendom. Wel kunnen we er met elkaar voor zorgen dat de grafrust net vroegtijdig verstoord wordt en dat er gewetensvol omgegaan wordt met mensen die onder ons geleefd hebben.

 

 

Het collegevoorstel was:

 

De gemeenteraad van Molenwaard besluit: 

1. de grafrust van algemene graven te verlengen van 10 naar 15 jaar met bijbehorende verhoging van het grafrecht;

 2. graven alleen te ruimen als er op de betreffende begraafplaats ruimtegebrek ontstaat; 

3. een speciale regeling voor bestaande en nieuwe kindergraven in het leven te roepen, die inhoudt dat: a. bestaande graven waar kinderen zijn begraven niet opnieuw in gebruik worden genomen; b. overleden kinderen kunnen worden begraven in kindergraven waarvoor eeuwigdurende grafrust gaat gelden. 

 

Na zeer lange discussie zijn er door onze fractie de volgende wijzigingsvoorstellen ingediend

 

Ad 1. In verband met het feit dat de grafrechten in Molenwaard zal zeer hoog zijn  worden de kosten van grafrecht bij de verlening naar 15 jaar niet verhoogd

 

Tot slot hebben we ingestemd met de bepaling dat bij 3 er geen sprake zal zijn van eeuwigdurende grafrust maar van grafrust voor onbepaalde tijd.

 

Tot slot:

We hebben vele vragen van burgers, brieven van kerkenraden en predikanten gehad. Op grond van wat door onze fractievoorzitter gezegd is menen wij een te verantwoorden keuze te hebben gedaan.

 

Mochten er naar aanleiding van dit verslag of onze steunbetuiging aan het collegevoorstel ( welke voor een belangrijk deel middels een eerdere motie onzerzijds tot stand gekomen is) nog vragen leven of wilt u ons spreken?

 

Wij zijn hiertoe van harte bereid. Onze contactgegevens treft u elders op deze site aan.

 

Wij willen blijven leren, houdt u ons bij de les??

 

Met vriendelijke groet,

 

Henk van der Wal